Morele ontwikkeling

Sociale ontwikkeling van het kind – Morele ontwikkeling

Voor dit blog hebben we de aspecten van de sociale ontwikkeling onderverdeeld in 2 subcategorieën; Morele ontwikkeling en Psychosociale ontwikkeling. Deze blogs zullen elkaar dan ook opvolgen en naar elkaar refereren. Onder morele ontwikkeling verstaan we de stappen die er toe leiden dat het kind kan functioneren in de maatschappij.

Sociaal gedrag op jonge leeftijd

Sociaal gedrag op jonge leeftijd is met name bepalend voor het gevoel van vertrouwen in anderen dat het kind zal ontwikkelen. Hierbij zijn warmte en een geduldige verzorging uitermate belangrijk. Dit noemt men veilige hechting. De hoeveelheid en kwaliteit van sociale contacten zijn op de jonge leeftijd van grote invloed op de verdere sociale ontwikkeling van het kind. Met name de mate, vertrouwdheid en gemak waarmee het later nieuwe sociale contacten zal opbouwen.

De eerste lach van het kind, zo rond de twee maanden versterkt de moeder / baby binding omdat moeder deze instinctief als teken van acceptatie opvat. Deze bevestiging in de vorm van het lachje zal dan ook door mama zo vaak mogelijk gerecreëerd worden. Op deze leeftijd maakt het kind nog geen onderscheid en worden ook vreemden met dezelfde brede lach ontvangen. Zo rond de achtste maand wordt dat anders en zal het kind een meer verlegen houding aannemen. Deze fase wordt gekenmerkt door vreemdenverlegenheid en eenkennigheid en duurt gemiddeld zo een 4 maanden tot het einde van het eerste levensjaar. Bij ongeveer 18 maanden treed scheidingsangst op.

Dit komen en gaan van vreemdelingenverlegenheid en scheidingsangst rust volgens experts op twee zaken;

  • Ontwikkeling van geheugencapaciteit

    Na acht maanden is het in staat moeder te herkennen waarbij deze dan ook voorkeur krijgt boven elk vreemd gezicht. Met het toenemen van de geheugencapaciteit en dus ook het aantal gezichten dat de baby kan onthouden neemt deze vreemdelingenverlegenheid af.

  • Toename van de autonomie

    Naarmate het kind ouder wordt neemt de afhankelijkheid van de moeder af. Het leert te communiceren wat het wil waardoor de noodzaak van de aanwezigheid van de moeder geleidelijk af neemt.

Belang van hechting

Het kind zal de moeder instinctief koppelen aan de bron van levensbehoeften, voedsel, warmte, veiligheid,… Deze afhankelijkheid zorgt voor een sterke hechting met de moeder. Kinderen die in deze fase een veilige hechting hebben ondervonden blijken beter in staat om nieuwe sociale relaties aan te gaan. Deze contacten zijn op hun beurt weer van belang bij het aanleren van maatschappelijke normen; Delen, spelen, vriendjes maken,…

Aanvullend : Psychologische ontwikkeling van het kind

Morele ontwikkeling

De jeugd van het kind bestaat met name uit spelen, daarbij speelt het minispelletjes (alleen of met vriendjes) en een overkoepelend metaspel; namelijk het spelen zelf. Zoals elk minispelletje (voetbal, tikkertje, verstoppertje,…) zijn eigen regels heeft heeft ook het metaspel genaamd spelen een eigen set regels. Deze set regels zijn voornamelijk vastgelegd in morele codes ; Van andermans spullen afblijven, elkaar geen pijn doen,… Een kind dat het metaspel goed speelt is het kind dat door vriendjes graag wordt uitgenodigd om te spelen. Op latere leeftijd vertaalt deze vaardigheid zich naar goede omgang met leraren, kennissen van ouders, nieuwe contacten leggen en onder de hoede te worden genomen door ouderen die het gunnen verder te komen in het leven (mentorschap).

Dit gedrag is ook terug te vinden bij andere soorten, zo heeft men jonge ratten bij elkaar gezet met een grootte verschil dat er voor zou zorgen dat de grote rat alle minispelletjes van het worstelen zou winnen van de kleine rat. Het blijkt dat bij het spelen twee semi-universele regels aanwezig zijn onder alle zoogdieren, de eerste zijnde dat degene die het minst vaak wint degene is die de andere uitnodigt tot spelen. Een tweede regel is dat over het algemeen de grote rat het kleintje ongeveer 30% van de tijd een spelletje worstelen zou laten winnen. In alle gevallen waar de grotere rat dit niet deed werd het door de andere niet meer uitgenodigd om te spelen.

Het blijkt dat naarmate kinderen ouder worden hun beeld over wat goed en fout is op interessante wijze veranderd.  De meeste 5 jarigen zullen vertellen dat het fout is om te liegen, stelen of een ander pijn te doen.  Hun begrip waarom deze zaken fout zijn verandert naarmate ze ouder worden. Moraliteit verschuift van externe door anderen opgelegde regels naar een meer intrinsiek gevoel van empathie.

Het leert het onderscheid te maken tussen een leugen of onwetendheid en met opzet of per ongeluk . Het ontwikkelen van dit onderscheid is direct verbonden met de ontwikkeling van de denkfuncties. Bij het voortzetten van de morele ontwikkeling wordt de betrokkenheid bij het welbevinden van anderen groter.

When men speak ill of thee,  life so as nobody may beleive them - Plato - Inspirational quotes

Morele ontwikkeling wordt onderverdeeld in niveaus en fases;

  • Niveau 1 – pre conventionele moraliteit

    Op niveau 1 is de morele redenering nog vrij eenvoudig.  Er wordt maar met één ding rekening gehouden en dat is het voorkomen van straf en het krijgen van beloning

    • Fase 1: oriëntatie op straf
      regels gehoorzamen om straf te voorkomen
    • Fase 2: oriëntatie op beloning
      zich aanpassen om beloning te krijgen of winst te behalen

  • Niveau 2 – conventionele moraliteit

    Op niveau 2 is de morele redenering al iets ingewikkelder.  Er wordt met meer zaken rekening gehouden maar nog steeds draait alles om goedkeuring en afkeuring

    • Fase 3: oriëntatie op goed gedrag
      zich aanpassen om afkeuring van anderen te voorkomen
    • Fase 4: oriëntatie op autoriteit
      zich houden aan wetten en sociale regels vanuit een plichtsbesef

  • Niveau 3 – post conventionele moraliteit

    Pas op niveau 3 overziet iemand de spelregels die er bestaan in de sociale relaties en kan iemand begrijpen wat deze inhouden en waarom ze bestaan. 

    • Fase 5: oriëntatie op het sociale
      zich gedragen naar de contacten en algemeen geldende normen
    • Fase 6: oriëntatie op het ethische
      zich gedragen naar zelf gekozen ethische principes

Wanneer we kinderen confronteren met de volgende 2 scenario’s leverde dat het volgende op;

Scenario 1

Een man die erg graag een film wil zien in de bioscoop krijgt een lekke band en moet de rest van het stuk naar de bioscoop lopen. Tijdens het lopen ziet hij een andere fiets die niet op slot staat. Wanneer hij gaat kijken ziet hij dat allebei de banden van de fiets nog goed zijn en hij weet dat wanneer hij de fiets steelt hij nog net op tijd is om de film te zien. De man steelt de fiets, gaat naar de film en rijd daarna op zijn nieuwe fiets die veel fijner rijd naar huis.

In bovenstaande scenario zijn alle kinderen het eens dat het niet goed is wat de man doet. Motivaties daarin zijn universeel “Je steelt immers gewoon geen fiets, dat is niet ok”.

Scenario 2

Een man heeft een vrouw die ernstig ziek is en zonder medicijnen zou overlijden. De man kan de medicijnen niet betalen omdat deze enorm duur zijn. Puur toevallig komt deze man bij een medicijnwinkel waar het juiste medicijn voor zijn vrouw onbewaakt is weggelegd zodat mensen er naar kunnen kijken. Na veel wikken en wegen besluit de man het medicijn te stelen om zodoende zijn zieke vrouw te redden.

Het invoeren van de nuance van het redden van de zieke vrouw blijkt door kinderen in alle fases goed te worden ontvangen. De kinderen zijn het er over het algemeen over eens dat het goed (of in elk geval dom in plaats van slecht) was om het medicijn te stelen, echter de motivatie daarvan ontwikkelt volgens volgende fasen;

  • Fase 1 :

    Het was goed wat de man deed want als hij zijn vrouw dood had laten gaan zou hij in de problemen komen of het was stom wat de man deed want als hij steelt krijgt hij straf.
  • Fase 2 :

    Het stelen was goed want iedereen zal de man prijzen als hij het leven van zijn vrouw redt of het stelen was verkeerd want de man die het medicijn heeft gemaakt krijgt nu zijn geld niet.
  • Fase 3 :

    Het was goed dat de man het medicijn wegnam want wat zouden de mensen zeggen als hij zijn vrouw zou laten doodgaan of het was niet goed wat hij heeft gedaan want stelen hoort niet
  • Fase 5 :

    De echtgenoot deed er goed aan het medicijn te stelen want het was zijn plicht ten opzichte van zijn vrouw of het was fout wat de echtgenoot deed omdat we nu eenmaal moeten betalen voor dingen die geld kosten
  • Fase 6 :

    Volgens de regels van de samenleving was de echtgenoot fout maar hogere wetten stellen de man in het gelijk,  het menselijke leven gaat boven financiële winst.  Ongeacht wie er aan het sterven was had de man de morele plicht iemand van de dood te redden.

In hoeverre we immorele verleidingen kunnen weerstaan is van een aantal dingen afhankelijk,  waaronder het niveau van morele ontwikkeling,  maar ook de vaardigheid om gevolgen van gedrag op lange termijn te overzien en het vermogen zich te verplaatsen in een ander.

Aanvullend : Sociale ontwikkeling van het kind – Morele ontwikkeling
Aanvullend : Psychologische ontwikkeling van het kind

Vond U dit artikel nuttig? Help ons door ons een positieve waardering te geven.
[Total: 1 Average: 5]
Vond je dit artikel nuttig? Delen is makkelijk met deze social share buttons.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *