Psychoanalyse grondlegger Freud

Psychoanalyse, een korte inleiding

Psychoanalyse verklaard geestelijke en psychosomatische, lichamelijke als zijnde psychogeen van oorzaak. Dit is één van de grootste takken van de psychologie en daarom hier nader verklaard.

Veel van de kritiek over psychoanalyse schijnt te rusten op de misvatting dat het voornamelijk berust in het doctrine dat “hysterie” en andere neuroses hun wortel hebben in de zogenaamde autosuggesties bij “Traumata”. Deze kritiek heeft zijn basis wanneer men slechts Freud’s eerste boek “Studies in Hysteria” heeft gelezen. 

Charcot (Freuds mentor) was zich door zijn ervaring met hypnotisme bewust van de kracht van suggestie.  Hij geloofde dat hysterische  symptomen zowel opgewekt als verholpen konden worden door deze bewustzijnsstaat.  Zijn verklaring rustte er in dat de emotie welke opgewekt kan worden door een shock toestand een tijdelijke verlamming van de wilskracht opwekt. Gedurende deze opschorting kan de herinnering van het trauma gefixeerd worden als een zogenaamde autosuggestie. 

Etiologisch onderzoek had echter wel nog 1 vraagstuk,  ze moesten onderzoeken of een dergelijk mechanisme ook van toepassing was bij patiënten zonder traumatische ervaring.  Breuer en Freud namen een andere aanpak en toonden aan dat zelfs in gevallen waarvan ze niet door een shocktoestand zijn opgewekt hetzelfde trauma-element gevonden kan worden.

Later heeft Freud het aspect van de autosuggestie als aspect van de oorzaak van deze symptomen laten varen en verving deze met de gedetailleerde “blootstelling aan psychologische en psychofysische effecten veroorzaakt door de shocktoestand”.  Het trauma roept een bepaalde opwinding op welke onder normale omstandigheden via een neutrale uitlaatklep een uitweg vindt.  In hysterie vindt dit slechts gedeeltelijk plaats waardoor een gedeelte van deze energie behouden blijft.   Deze behouden energie wordt omgezet via het mechanisme genaamd “conversie” in fysieke symptomen.

The carthartic method – zou de middelen bieden waardoor deze behouden emoties uitgedrukt kunnen worden en daardoor via een uitlaatklep “gereinigd” kunnen worden uit het psyche.  Het doel van deze “reinigingsmethode” is het ontladen van geblokkeerde emoties.

Jung bespreekt in zijn boek “Theory of Psychoanalysis” kritieken die wel een gefundeerde basis hebben op de trauma-theorie waarop psychoanalyse gebaseerd is.  O.a. de twijfel over de etiologische waarde van het zogenaamde trauma,  het belang van erfelijkheid en omgeving,  de validiteit van her-opgehaalde (hypnose) verdrongen herinneringen, of verdringing wel werkelijk gebeurd en zo ja of deze bewust of onbewust gebeuren en meer,  de vraag of kinderen seksueel konden zijn…

Naast het bredere trauma-theorie was de kern van Freuds werk gebaseerd op de seksuele hypothese.  Iets wat op veel kritiek stuitte vanwege de aanname van seksuele onschuld bij kinderen.  Echter blijkt Freuds werk gebaseerd te zijn op een dermate grote samplegrootte dat men met moeite om zijn conclusies heen kan.  Op het moment van Jungs boek heeft geen enkele criticus deze theorie weten weerleggen,  ik weet niet of dit heden ten dage nog steeds zo is.

Daarnaast neemt men ook de term “libido”,  niet als zijnde seksuele drang (Freuds definitie) zoals honger dat is naar de drang naar eten maar in de bredere als de drang naar romantische betrekkingen (aandacht, liefde, seks,…) onder de loep in een voorbeeld van een jonge man die inzake geaardheid schakelt van homoseksueel naar hetero en terug en het verschuiven van de aandacht voor de ene naar de andere in context van dit libido (beperkte hoeveelheid energie te besteden aan “liefde”).  Dit laatste geeft men een analogie door het te vergelijken met de “1st law of thermodynamics”, namelijk; “conservation of energy” een natuurkundige wet waarbij energie nooit verloren gaat maar wordt omgezet in een andere vorm van energie.

Vervolgens praat hij over het ontstaan van onbewuste seksuele fantasie in de kinderjaren aan de hand van Freuds definitie van libido.  Zijn claim is dat libido niet ontstaat in de tienerjaren maar intensiveert en reeds vroeg aanwezig is.  Een andere kijk is dat het even sterk aanwezig is maar manifesteert in aspecten zoals aangegeven in de eerdere bredere term van het woord in deze vroege levensfasen.

De kritiek die oorspronkelijk gericht was op de weinig begrepen en nog minder gewenste seksuele opvatting omvat nu verdere leringen van een psychologie die door de toepassing ervan van zulke vernietigende oordelen als; mystiek, metafysisch en heiligschennend is toe- bedaan, en wordt veroordeeld als onwetenschappelijk.

Om verder toe te dragen aan de algemene verwarring rond deze nieuwe school van denken is er ook nog een verdeling ontstaan tussen de leiders zelf, resulterend in het bestaan ​​van twee scholen, respectievelijk geleid door professor Sigmund Freud van Wenen en Dr. Carl Jung van Zürich,  waarnaar in de literatuur wordt verwezen als de Weense School en de school van Zürich.

Het is een bekend feit dat één van de principes van psychoanalyse inhoud dat de droombeelden symbolisch begrepen moeten worden; dat wil zeggen, dat ze niet letterlijk genomen worden zoals ze in de slaap worden gepresenteerd,  maar dat er een verborgen betekenis achter moet worden gezocht.  Deze visie is uiteraard al veel ouder dan de psychoanalytische tak binnen de psychologie.  Deze vorm van droomduiding werd benut door de Egyptenaren, Chaldeeërs, Babyloniërs, Joden,…  We kennen allemaal de verklaringen van Jozef en Daniel uit de bijbel. De droom ontstaat uit een deel van de geest dat ons onbekend is, maar desalniettemin belangrijk is en zich bezig houd met de verlangens voor de naderende dag.

Aanvullend : Het concept van Psychoanalyse

Vond U dit artikel nuttig? Help ons door ons een positieve waardering te geven.
[Total: 0 Average: 0]
Vond je dit artikel nuttig? Delen is makkelijk met deze social share buttons.

2 gedachtes op “Psychoanalyse, een korte inleiding”

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *