Taal ontwikkeling

Gezonde ontwikkeling van taal bij het kind

Algemeen wordt aangenomen dat de ontwikkeling van taal bij elk kind stapsgewijs gebeurt. Deze stappen worden ook wel met mijlpalen aangeduid. Deze mijlpalen zijn universeel aanwezig bij kinderen in verschillende culturen waardoor in de wetenschappelijke gemeenschap wordt aangenomen dat onder mensen een inherent taalsysteem aanwezig is die kinderen in staat stelt de taal te kunnen legen.

Normale ontwikkeling

Voor ouders is het belangrijk te weten dat grote verschillen inzake het aflopen van deze mijlpalen niet aangeven dat er iets abnormaals is aan de ontwikkeling van het kind. Sommige kinderen beginnen al te praten rond het eerste levensjaar terwijl anderen pas rond het tweede levensjaar hun eerste woordjes maken.

Ook stagnatie inzake de ontwikkeling hoeft niet direct een probleem aan te geven. Heel veel kinderen lijken even stil te staan in hun ontwikkeling en maken dan een inhaalspurt. Wanneer het kind een regressie (achteruitgang) laat blijken is het wel verstandig contact op te nemen met de arts.

Taalontwikkeling wordt onderverdeeld in drie niveaus;

  • Fonemen – de kleinste klankeenheden
  • Morfemen – de kleinste taaleenheden die een betekenis hebben
  • Het maken van zinnen

Morfemen en woorden

Morfemen zijn achtervoegsels van woorden (ing, ies, iaan, ling,…), voorvoegsels van woorden (be, on, non, wan,…) en uitgangen van woorden (s, en, e, t). Deze geven een grotere of compleet andere betekenis aan het woord.  Zo kan je “tijdens het sporten meerdere sporten combineren” en kan je te maken krijgen met “een geest die dacht behoorlijk geestig te zijn”,…

Bij het ontwikkelen van morfemen speelt de omgeving een belangrijke rol,  door het kind te praten en fouten te verbeteren wordt het leren gestimuleerd.

Zinsvorming

Het ontwikkelen van zinsvorming hangt samen met de ontwikkeling van denkfuncties.  Naarmate de gedachten complexer worden neemt de capaciteit om taal correct te gebruiken toe.

  • Leren door imitatie

    Het imiteren wordt in het dagelijks taalgebruik ook wel het papegaaien genoemd.  Als mama of papa een woord zegt wordt dit herhaald.  Door deze herhalingsoefeningen kan het woord en de betekenis daarvan worden onthouden.

  • Conditionering

    De tweede worm van leren,  is het leggen van verbanden tussen twee zaken.  Als het kind een woord goed gebruikt levert dit vaak een goedkeurende reactie op van de verzorgers.  Als ouders tegen het kind praten en objecten benoemen en foute zinnen verbeteren werkt dat stimulerend op de vorming van grammaticaal juiste zinnen.  Nu is het vaak zo dat een half woord of een cryptische zin door de verzorgers al snel wordt begrepen en dat de correctie achterwege blijft.  Het is denkbaar dat zonder deze verbeteringen en zonder duidelijk uitgesproken goedkeuring of stimulering het leren van grammaticaal juiste zinnen langer op zich laat wachten.

  • Hypothesetesten

    Als een kind een nieuwe algemene regel heeft aangeleerd zal het deze te pas en te onpas gebruiken.  Het test als het ware wanneer de regel wel en niet opgaat.  Denkt u aan de verledentijdsvormen van regelmatige werkwoorden.  Als het kind heeft geleerd dat de verleden tijd van hij maakt,  hij maakte is zal het deze regel ook bij onregelmatige werkwoorden toepassen,… bijvoorbeeld hij gaat, wordt dan hij gaate.  De hypothese dat deze regel bij alle werkwoorden opgaat zal niet worden ondersteund.  Deze verkeerde toepassing zal of worden gecorrigeerd of het kind zal gaandeweg het onderscheid tussen regelmatige en onregelmatige werkwoorden leren maken.

Concepten

Het kind begint met het groeperen van voorwerpen, activiteiten en personen volgens kenmerken in categorieën (concepten).  B.v. stoel (waarvan zo veel varianten bestaan).

Selectief waarnemen

Het kind kan doelgericht op zoek gaan naar bevestiging en ondersteuning en ontkrachtiging van een hypothese uit de weg gaan. Dit noemen we selectief waarnemen.

Klassieke en vermoedelijke concepten

  • Klassiek concept

    Als de eigenschappen die deel uitmaken van het concept altijd en bij elk object aanwezig zijn.
    Voorbeeld;  een alleenstaande (ongehuwd, wonen niet samen en hebben volwassen leeftijd bereikt.   Er bestaat niet zo iets als een samenwonende alleenstaande)

  • Vermoedelijk concept

    Wanneer de eigenschappen die deel van het concept uitmaken niet in alle gevallen aanwezig zijn.
    Voorbeeld;  een vogel (vliegt,  heeft veren en een snavel)  Er zijn echter wel vogels die niet vliegen.
Ideas do not exist seperately from language - Karl Marx - Inspirational quotes

Normaal verloop van taalontwikkeling

  • 0-1 jaar – Geluiden herkennen, geluidjes maken, communicatie

    Het is alom bekend dat een baby al kan horen in de baarmoeder. Daardoor heeft het na de geboorte vaak ook een voorkeur voor bekende geluiden; Stem van de moeder, liedjes,… In de eerste maanden leert het differentiëren tussen gesproken taal en andere geluiden (Trein, stofzuiger, auto,…)

    Het begint zelf geluidjes te maken, hierbij experimenteert het met allerlei klanken en geluidjes. Rond de 6 a 7 maanden begint het met brabbelen. Vaak vinden kinderen het fijn om klanken te herhalen waardoor de eerste woordjes dan ook vaak papa, mama of dada in het Engels zijn.

    Al voor het kind kan praten zal het dingen duidelijk willen maken. Het kan bijvoorbeeld naar speelgoed wijzen of iets wegduwen wat het niet wil. Hierbij kan het ook geluid maken om aan te geven iets wel of net niet te willen.

  • 1 jaar – Één tot enkele woordjes

    Tussen de één en 2.5 jaar leert het kind snel meer verschillende klanken maken wat uiteindelijk zal leiden tot het eerste woordje. Vaak zegt het kind rond de eerste verjaardag het eerste woordje. Vaak zijn deze woorden belangrijke mensen in hun directe omgeving, papa of mama, dieren, speelgoed of groeten.

    Vaak gebruiken kinderen in deze fase een ander makkelijker woord om iets aan te geven,… broem voor auto. Dit wordt een eenonomatopee genoemd en telt als eerste woordje.

  • 1.5 jaar – 5 a 6 woordjes

    Het kind leert steeds meer nieuwe woordjes te gebruiken in een snel tempo. Een kind kent rond deze fase een goede 50 a 60 woordjes en zal er tussen de 5 a 10 zelf gebruiken.

  • 2 jaar – Zinnetjes van een tweetal woorden

    De woordenschat ligt rond deze periode rond de 200 woorden en zal deze beginnen combineren in kleine zinnetjes bv; “jas aan” of “papa bal”. Daarnaast zal het ook meer gebruik gaan maken van gebaren taal om dingen te verduidelijken.

  • 3 jaar –  Zinscomplexiteit neemt snel toe

    Het kind zal zichzelf steeds beter duidelijk kunnen maken met taal. Het zal moeilijkere klanken steeds beter uit gaan spreken. Voor mensen buiten het gezin is het kind steeds beter te verstaan, de zinnetjes worden ook steeds langer. Op 3 jarige leeftijd hebben de zinnen nog gemiddeld 3.5 woorden per zin en een jaar later ligt dit gemiddeld op 4.5 woorden per zin. Het kind zal steeds meer woorden begrijpen en is rond de 5 jaar in staat zelf een woord te bedenken; Automonteur wordt autodokter.


Problemen met articulatie

Problemen met taal hebben vaak een reden die los hangen van de psychologische ontwikkeling van het kind;

  • Spleet bovenlip, bovenkaak, gehemelte (meteen zichtbaar,  operatief corrigeerbaar)
  • Te kort tongriempje (pas zichtbaar bij praten,  operatief corrigeerbaar)
  • Kort gehemelte (pas zichtbaar bij praten,  operatief corrigeerbaar)
  • Gehoorproblemen
  • Neurologische of psychische afwijkingen

Aanvullend : Psychologische ontwikkeling van het kind

Stimuleren van de taalontwikkeling

Ouders en andere opvoeders spelen een cruciale rol in de taalontwikkeling van het kind. Stimulatie van de taalontwikkeling heeft het meest succes wanneer dit op een natuurlijke manier gebeurt. In het kort is het belangrijk het kind zoveel mogelijk te betrekken in een dialoog zonder dat het aanvoelt als taal les.

Dialoog

Om het kind uit te nodigen tot een dialoog heeft expoo.be de volgende tips;

  • Kom op ooghoogte met het kind
  • Stimuleer het om te spreken zonder dwang
  • Sluit aan bij de belangstelling van het kind
  • Geef het tijd om te reageren, grijp niet te snel in
  • Toon oprechte aandacht voor wat het kind zegt en doet
  • Reageer spontaan en zorg voor nieuwe spreekkansen
  • Lok spontane reacties uit door zelf iets ‘geks’ of ‘fouts’ te zeggen

Vragen stellen

Om een kind uit te nodigen tot een dialoog is het stellen van vragen een perfecte opener. De complexiteit van deze vragen zijn bepalend voor het verdere verloop van de dialoog. Zo zijn open vragen moeilijker maar meer stimulerend dan gesloten vragen.

Inspelen en correcties

Wanneer het kind spontaan iets zegt of reageert op een vraag is het uiteraard belangrijk daarop positief te reageren en zodoende de dialoog voort te zetten. Enkele methodes hiervoor;

  • Doorvragen op het thema van de vraag
  • Wanneer het niet duidelijk is wat het kind bedoelt vraag dan door of herhaal wat je vermoed dat het bedoelt in vraagvorm.
  • Daag het kind uit te reageren op een speelse manier op wat het doet en zegt.
  • Het expliciet verbeteren van fouten heeft weinig nut. Effectiever zou zijn om te antwoorden op een wel grammaticaal correcte manier.

Een rijk maar begrijpelijk taalaanbod aanbieden

Uiteraard kan een kind van jonge leeftijd geen complexe dialoog voeren met de opvoeder. Wel kan het op een voor het kind begrijpelijke manier leren een correcte dialoog te voeren.

  • Gebruik eenvoudige en korte maar grammaticaal correcte zinnen.
  • Gebruik een rijke en gevarieerde taal.
  • Spreek rustig.

De woordenschat uitbreiden

Bij de interactie met een kind is het onvermijdelijk woorden te gebruiken die het nog niet beheerst. Daarbij is het belangrijk dat deze woordjes begrijpelijk worden gemaakt zodat het kind begrijpt waar de hele dialoog eigenlijk over gaat om er aan deel te kunnen nemen.

  • Maak nieuwe taal zichtbaar door visuele ondersteuning, plaatjes, gebaren, aanwijzen van voorwerpen,…
  • Gebruik activiteiten om nieuwe woorden aan te leren. B.v. Rijden tijdens het spelen met een autootje.
  • Spreek rustig en articuleer goed.
  • Herhaal indien nodig.
  • Ga na of het kind alles begrijpt.

Bron : https://www.hanze.nl/nld/onderzoek/kenniscentra/hanzehogeschool-centre-of-expertise-healthy-ageing/lectoraten/lectoraten/lahc/producten/producten/kindexpert/ontwikkeling-van-kinderen/taal/taal

Bron : https://www.expoo.be/stimuleren-van-de-taalontwikkeling

Vond U dit artikel nuttig? Help ons door ons een positieve waardering te geven.
[Total: 1 Average: 5]
Vond je dit artikel nuttig? Delen is makkelijk met deze social share buttons.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *